Carcassonne was voor ons geen totaal onbekend terrein. Ooit dreven we er al eens voorbij met Le Boat op het Canal du Midi en in coronatijd mochten we er zelfs een behoorlijk unieke Tour-rit meemaken. Maar de vestingstad Carcassonne echt bezoeken, met tijd om rond te kijken, te proeven en ook de omgeving in te duiken, dat was er de voorbije tien jaar niet van gekomen. Voor de ene is het een van de mooiste middeleeuwse steden van Frankrijk, voor de andere een commerciële toeristenmagneet. Wie heeft gelijk? Daarvoor is Tips4Trips uitgevonden.
Mario De Wilde
Laat ik beginnen met geruststellend nieuws: vannacht ben ik in mijn dromen niet belaagd door Albigenzen, katharen of andere figuren uit de geschiedenisboeken waar jonge lezertjes nu ongetwijfeld meteen AI op loslaten. Nochtans hangt er boven Carcassonne een verleden dat bepaald niet naar lavendel en warm stokbrood ruikt. Kruistochten, belegeringen, uitgehongerde inwoners en religieuze vetes kleurden hier eeuwenlang het decor. Met zo’n voorgeschiedenis wandel je toch net iets anders een stad binnen. Gelukkig helpt een vriendelijke gastheer die behoorlijk Engels spreekt, plus een warme douche, om weer helemaal mens te worden.

Binnenwandelen in een decor dat zich niet meteen gewonnen geeft
Tegen de middag trek ik richting de Cité, de beroemde vestingstad Carcassonne die hoog boven de omgeving uittorent. Wie Carcassonne bezoeken op zijn lijstje heeft staan, zal vroeg of laat onder de indruk raken van de Porte Narbonnaise, de iconische toegangspoort met haar machtige torens. Over de ophaalbrug wandel ik naar binnen en daar duikt al meteen Dame Carcas op, in bustevorm weliswaar, maar met genoeg uitstraling om je eraan te herinneren dat legendes hier niet ergens in een stoffig hoekje liggen te wachten.
Carcassonne gaat terug tot de Romeinse tijd, maar het beeld dat miljoenen bezoekers vandaag kennen, kreeg vooral in de middeleeuwen vorm. De dubbele muren, de spitse torens, de poorten en het theatrale silhouet maken van deze plek een van de bekendste vestingsteden van Frankrijk. Ja, het is indrukwekkend. Ja, het is fotogeniek. En ja, nog voor je goed en wel goedendag hebt gezegd tegen de geschiedenis, bots je links en rechts op souvenirwinkeltjes vol nepzwaarden, plastic helmen en snoepbananen in hoeveelheden waar een gemiddelde kermis nog van achterover slaat. Zie het een beetje als de Katelijnestraat van Brugge, maar dan zonder twintig pralinewinkels op rij.
Toch zou het te goedkoop zijn om Carcassonne meteen weg te zetten als toeristenval. Achter die eerste commerciële tik schuilt wel degelijk een plek met grandeur. De straatjes kronkelen, de stenen glanzen in het voorjaarslicht en achter elke hoek wacht wel een uitzicht waar je automatisch een halve seconde trager van gaat wandelen. Dat is het moment waarop Carcassonne je begint in te pakken.
Eerste couplet: cassoulet, en liefst geen klein bordje
Een bezoek aan de vestingstad Carcassonne zonder een stevig bord cassoulet is ongeveer zoals de Ronde van Vlaanderen rijden zonder kasseien. Je kunt het technisch gezien proberen, maar het klopt gewoon niet. Dus wanneer de middag zich aandient, geef ik mijn culinaire ik graag vrij spel. Op tafel verschijnt een dampende keramische pot waarin witte bonen, ganzenbout, gekonfijte eend, Toulouse-worst en nog wat gezelschap van lam en varken gezellig samen sudderen alsof ze al urenlang op mij zaten te wachten.

In Vlaanderen zouden we bij zacht lenteweer misschien nog flirten met een luchtig slaatje, maar in Zuid-Frankrijk denken ze daar duidelijk anders over. Cassoulet is hier geen winteruitzondering maar een soort erezaak. Het is zwaar, rijk, vettig en troostrijk tegelijk. Met andere woorden: precies het soort gerecht dat je niet elegant eet, maar waarvan je na drie happen weet dat het bij de streek hoort zoals de torens bij Carcassonne.
Tussen twee happen door wandelen we verder naar de Basilica of Saint-Nazaire, een van de plekken die je zeker moet meepikken als je de belangrijkste Carcassonne bezienswaardigheden wilt afvinken. De kerk verenigt romaanse en gotische elementen op een manier die zelfs mensen die normaal niet zo warm lopen voor kerkbezoek even doet stilstaan. En eerlijk, na een cassoulet van formaat is een moment van bezinning geen overbodige luxe.

Een stad die ook veel te danken heeft aan een man met visie
Dat Carcassonne vandaag nog zo’n verpletterende indruk maakt, is voor een groot deel te danken aan Eugène Viollet-le-Duc. In de negentiende eeuw kreeg hij de opdracht om de stadsmuren en delen van het complex te restaureren. Dat was geen overbodige ingreep, want de plek was toen flink in verval geraakt. Je kunt dus met enige overdrijving zeggen dat miljoenen bezoekers vandaag hun mond open laten vallen dankzij een architect die weigerde toe te kijken hoe deze stad langzaam in elkaar zakte.

Vooral in de zomer schiet Carcassonne nog een versnelling hoger. Dan verandert de vestingstad in een podium voor riddertoernooien, optredens, marktjes en andere middeleeuwse decors waar de camera’s gretig op duiken. Ook de vuurwerkshow van 14 juli heeft hier een stevige reputatie. Wie van spektakel houdt, zit dan eerste rij. Wie liever rust heeft, kiest misschien beter voor het voorjaar, wanneer de lente in Occitanie echt op gang komt en de stad nog nét wat meer ademruimte heeft.
Fietsen langs Canal du Midi, met tegenwind zoals het hoort
Dag twee begint sportief. We huren een fiets, wat in theorie altijd een goed idee lijkt. De verhuurder roept me nog monter bon courage na en op dat moment denk ik vooral: ach, dat komt wel goed. Een halfuur later weet ik dat die man geen gevoel voor drama had, maar voor realisme. De zogenaamd ontspannende piste cyclable blijkt een flinke kuitenbijter, en de oostenwind heeft duidelijk besloten om zich ook met mijn planning te bemoeien.
Toch is fietsen langs het Canal du Midi een belevenis die je niet snel vergeet. De bomen vormen hier en daar een soort natuurlijke beschutting, schippers zwaaien vrolijk voorbij, wandelaars knikken alsof we samen deel uitmaken van een geheime club van doorzetters, en collega-fietsers groeten alsof we elkaar al jaren kennen. Ik zwaai terug tot mijn arm bijna in overuren gaat. Het ritme van het water, de schaduw langs het jaagpad en de traagheid van het landschap doen de rest. Voor wie Occitanie rustig wil beleven, is dit misschien wel een van de mooiste manieren.
Na een kilometer of tien duik ik onder een spoorviaduct door en zie Carcassonne weer opdoemen. Altijd fijn, zo’n herkenningspunt aan de horizon. Alleen beslist het lot dat ik niet zonder extra souvenir naar huis mag. Op nauwelijks vijfhonderd meter van de finish vliegt een of ander Frans insect, half vlieg half bij en vooral vol slechte bedoelingen, recht mijn mond in. Alsof dat nog niet volstaat, deelt het dier ook meteen een aantal pijnlijke prikken uit aan de binnenkant van mijn lip. Resultaat: in geen tijd beschik ik over een gezwollen lip waarvoor tegenwoordig complete fortuinen worden neergeteld in bepaalde schoonheidsklinieken. Angelina Jolie, maar dan op de verkeerde manier en zonder afspraak.
Een uur verder ligt Assignan, en daar tikt de klok plots trager
Na de vestingstad Carcassonne en mijn ontmoeting met de Franse luchtvaart rij ik een uurtje verder naar Assignan. Daar ligt Château Castigno, of beter: een klein universum waar Zuid-Frankrijk, wijn, stilte en esthetiek elkaar de hand geven. Wie wil overnachten in Occitanie en tegelijk iets origineels zoekt, zit hier goed. Mijn uitvalsbasis is kamer Vendangeur, en van daaruit rolt het goede leven zich opvallend gewillig uit.
Assignan is het soort dorp waar je haast automatisch zachter begint te praten. Op het dorpsplein kun je eindeloos blijven hangen aan een grote table d’amis, tussen de gerestaureerde plukkershuisjes en wijnrode gevels die eruitzien alsof iemand het decor met een tekening in het hoofd heeft bedacht en daarna heel zorgvuldig in werkelijkheid heeft uitgevoerd. Je wandelt tussen de wijngaarden, rijdt vlot naar Béziers, Narbonne of Carcassonne, neemt een duik in het zwembad en sluit af met een tafel die zo goed is dat je jezelf erop betrapt om trager te eten om het moment te rekken.
La Table was hier lang de culinaire blikvanger, maar ook Maison Robert en Le Thaï maken van Assignan veel meer dan zomaar een charmant dorpje. Onder lampionnen op een terras eten, omringd door rust, stenen muren en dat typische gevoel van la douce France, het blijft een combinatie waar je niet snel op uitgekeken raakt.
Van vergeten hoek tot droomdecor voor levensgenieters
Het strafste verhaal van Assignan is misschien nog niet eens dat het mooi is, maar wel hoe het zover gekomen is. De motor achter dit project is de West-Vlaamse ondernemer Marc Verstraete, die hier een kleine twintig jaar geleden neerstreek en begon aan een metamorfose die ondertussen leest als een spannend jongensboek. Waar ooit een weinig glamoureuze plek lag met een mesthoop, kapotte banden en het soort verlatenheid waar niemand spontaan een vakantiekaartje van zou maken, ligt nu een verbluffend mooi dorpje dat bijna te fotogeniek is om waar te zijn.
Het begon met de aankoop en restauratie van een halfvergeten kasteel, gekoppeld aan tientallen hectares wijngaard. Daarna volgden meer huisjes, meer renovaties en vooral een heel duidelijke visie. Het resultaat is een dorp waar authenticiteit en comfort elkaar niet in de weg lopen. Geen overdaad aan winkels, geen kunstmatige drukte, wel sfeer, bloemen, straatjes met karakter en dat soort rust waar wij Vlamingen meestal pas na drie dagen aan wennen.
Dat het ook televisiemakers niet ontging, zegt genoeg. Zelfs de makers van ‘Vive le Vélo’ lieten zich door deze setting verleiden tot live-uitzendingen op het domein. En geef toe, als een plek zowel wielerliefhebbers, levensgenieters als rustzoekers kan charmeren, dan doe je iets heel goed.
Wist je dat?
- Carcassonne 52 torens heeft en ongeveer 3 kilometer aan vestingmuren telt?
- de Basilica Saint-Nazaire bekendstaat als het ‘juweel van de stad’ door de mix van romaanse en gotische architectuur?
- het Canal du Midi niet alleen prachtig is om langs te fietsen, maar ook UNESCO-werelderfgoed is?
Dus, toeristenval of topbestemming?
En dan de hamvraag. Is Carcassonne een toeristenval? Ja, een béétje, op de plekken waar te veel blinkende rommel en te weinig subtiliteit samenkomen. Maar is de vestingstad Carcassonne ook een bestemming die je minstens één keer gezien moet hebben? Zonder enige twijfel. Want zodra je door die eerste laag commerciële drukte heen kijkt, blijft er een plek over die geschiedenis, architectuur, sfeer en landschap op een manier combineert die zeldzaam is.
Combineer je de Cité met een fietstocht langs Canal du Midi en een verblijf in het veel rustigere Assignan, dan krijg je zelfs een reis die opvallend compleet aanvoelt. Dan heb je stenen en stilte, vettige cassoulet en verfijnde tafels, toeristische drukte en landelijk uitademen. Het is precies die mix die van deze Tips4Trips meer maakt dan zomaar een citytrip. Carcassonne is geen geheim meer, maar dat betekent nog niet dat het zijn charme kwijt is. Soms moet je een plek gewoon opnieuw bekijken om te beseffen waarom ze al zo lang blijft hangen.
Win een verblijf van twee nachten voor twee personen in chambre Vendangeur in Assignan, inclusief ontbijt
Wil je zelf proeven van deze uitzonderlijk mooie plek in Zuid-Frankrijk? Dan is er goed nieuws, want met deze Tips4Trips-wedstrijd maak je kans op een verblijf van twee nachten voor twee personen in chambre Vendangeur in Assignan, inclusief ontbijt.
Wat moet je daarvoor doen?
- In welk jaar werd Carcassonne door UNESCO op de Werelderfgoedlijst geplaatst?
- Wat is het absolute streekgerecht van de Occitanie-regio?
- Wat is de naam van het Thaise restaurant in Assignan?
Mail de drie antwoorden samen met je volledige adres uiterlijk op woensdagmiddag 18 maart naar tips4tripsreisreportages@gmail.com met als onderwerp ‘Occitanie, Carcassonne, Assignan’.
Opgelet: één antwoord per gezin. Lezers die meerdere antwoorden via verschillende mailadressen insturen, worden door de zoekrobot uitgefilterd en volledig uitgesloten van deelname.
De winnaars van de vorige Tips4Trips, een arrangement met z’n tweetjes voor twee nachten inclusief ontbijt in Hacienda Riogordo, zijn:
Laurent Buytaert uit 2570 Duffel
Eddy Bertier uit 8340 Damme
Jerome Vanlatum uit 9700 Oudenaarde
Lees ook op Noordernieuws:
Noordernieuws.be Nieuwsmagazine van de Noorderkempen









