Laatste nieuws:
Inzet van duizend schapen op Groot Schietveld moet vergrassing tegengaan

Inzet van duizend schapen op Groot Schietveld moet vergrassing tegengaan

Een maand na de grote brand blijkt dat precies het pijpestrootje zich veel sneller begint te herstellen dan andere, meer waardevolle habitatsoorten. Natuurorganisatie GroenRand waarschuwde daar begin mei al voor en opperde toen al om schapen in te zetten op het Groot Schietveld om het nu al opschietende pijpenstrootje weg te eten zodat de andere heidevegetatie meer groeikansen krijgt.

Bestrijding oprukkend pijpestrootje

Vlaams minister van Natuur en Omgeving Zuhal Demir (N-VA) had kort na de brand op het Groot Schietveld aan GroenRand extra middelen beloofd voor het natuurherstel en de minister hield haar belofte. Maar volgens de natuurvereniging moet het op een duurzame manier gebeuren en kaderen in een langetermijnvisie. Volgende week start Natuur en Bos – in samenspraak met Defensie- een begrazingsproject met driehonderd schapen om het oprukkend pijpestrootje te bestrijden. Dit seizoen wordt er nog gewerkt aan een aanvulling tot zo’n duizend schapen. Dirk Weyler coördinator GroenRand: “Schapen zijn al eeuwenlang onlosmakelijk verbonden met heidevegetaties en de bijbehorende biodiversiteit. Het is voldoende bekend dat heide een actief beheer nodig heeft om in stand te blijven. Schapen worden vaker ingezet voor natuurbeheer in natuurgebieden. Men past schapenbegrazing op de heide toe, met als doel de struikheide te verjongen, de grassen niet te laten domineren, minder strooisel te krijgen en de boomopslag tegen te gaan. Boomopslag kan teruggedrongen worden door intensief in voorjaar te begrazen. Naarmate kruiden en struikhei zich uitbreiden wordt de graasintensiteit verlaagd. Door instinct en ervaring weten de dieren precies wat ze wel en niet kunnen eten”.

Inzet van van duizend schapen Groot Schietveld met vergrassing tegengaan
Coördinator GroenRand Dirk Weyler
Goede raskeuze

De raskeuze in heidegebieden is een heel belangrijk, zo niet essentieel gegeven, om een kudde verantwoord te kunnen inzetten. Het Vlaams Kuddeschaap en het Kempens Heideschaap zijn sterke robuuste rassen die ondanks een schraal dieet toch in goede conditie kunnen blijven. Zij hebben een goed beenwerk en zijn daarom uitermate geschikt. Een hoge voederconversie, sterk beenwerk en ongevoeligheid voor parasieten zijn in natuurbeheer met schapen zeer belangrijk. Het eventuele tekort aan mineralen bij de kudde in schrale gebieden kan vrij gemakkelijk worden opgevangen. Gedurende een korte periode begrazen een groot aantal dieren een kleine oppervlakte. In dit geval wordt gewerkt met verplaatsbare rasters of een herder met honden (stootbegrazing).

Begrazingsplan

Het Groot Schietveld heeft via een begrazingsplan een langetermijnvisie nodig. Eerst moet een gedetailleerde gebiedsbeschrijving worden gemaakt, waarin bijzonderheden van het terrein en de vegetatie staan beschreven. Een evaluatie van het vroegere beheer hoort hier ook bij. Als tweede komt een deel met een beschrijving van de beheers- en overige doelstellingen. Stootbegrazing kan onder verschillende omstandigheden heel efficiënt zijn om een grote hoeveelheid brandbaar materiaal zoals pijpestro weg te werken. Om dan, afhankelijk van hoe snel de vegetatie zich nadien herstelt, al dan niet over te schakelen naar een minder intensieve vorm van begrazing. Er zijn verschillende mogelijkheden om de begrazingsdruk flexibel te hanteren in functie van het beoogde doel. Hierbij dient er altijd rekening gehouden te worden met de aanwezige en beoogde vegetatie, aanwezige habitats maar in dit geval ook de aanwezigheid van de militaire activiteiten. Daarna komt een langetermijnplanning. Het te beheren gebied wordt ingedeeld in percelen met min of meer uniforme vegetatie en met een oppervlakte van minstens enkele hectaren. Voor elk perceel wordt weergegeven wat de gewenste begrazingsintensiteit is. Tenslotte moet er elk jaar een evaluatie worden gemaakt om het beheer eventueel bij te sturen.

Biodiversiteit staat in Vlaanderen zwaar onder druk

Het is wetenschappelijk aangetoond, dat rondtrekkende schapen biodiversiteit verspreiden. In hun vacht, met hun poten en door de uitwerpselen kunnen schapen zaden, sporenelementen, insecten en kleinere diersoorten meedragen. Een herder met zijn kudde kan dus als het ware het versnipperde landschap met elkaar verbinden. Alle beetjes, zoals de inzet van een schapenkudde, kunnen helpen. Sky Rymenants woordvoerster GroenRand: “In het algemeen staat de natuur en biodiversiteit zwaar onder druk. De afgelopen honderd jaar zijn de populaties van de inheemse wilde soorten een derde kleiner geworden. Dat wordt mede veroorzaakt doordat de natuur in Vlaanderen bestaat uit grotere en kleinere geïsoleerde gebieden. Het op elkaar laten aansluiten van natuurgebieden maakt de natuur sterker, bevordert biodiversiteit en vergroot de kansen op het voortbestaan van soorten. Al lange tijd is GroenRand voorstander van nationale parken en landschapsparken, om de versnippering tegen te gaan. We hebben er nooit een geheim van gemaakt dat we de Kalmthoutse Heide, het Groot Schietveld, het Klein Schietveld, de Antitankgracht en de aanleunende natuur- en bosgebieden met elkaar verbonden willen zien.”

Foto’s: GroenRand

DW

Facebook82
Facebook
Twitter