Laatste nieuws:
GroenRand stipt het belang van schapenbegrazing aan4jpg

GroenRand stipt het belang van schapenbegrazing aan

De Kalmthoutse Heide, het Klein en Groot Schietveld vormen samen het grootste en indrukwekkendste aaneengesloten heide- en vennengebieden van Vlaanderen. Zij behoren tot het Europese Natura 2000 netwerk omwille van unieke soorten en zijn dan ook erg kwetsbaar. Een gelijkaardig, gezamenlijk beheer dringt zich op.

Uitzonderlijke flora en fauna

Dankzij de relatieve rust en de minimale menselijke tussenkomst in het ecosysteem hebben we op het Groot Schietveld een uitzonderlijke fauna en flora. Door het militair gebruik en de goede ecologische beheerafspraken in het verleden, is het een parel geworden. Militaire domeinen behoren tot de meest ongerepte en uitgestrekte natuurgebieden van Vlaanderen. Ze herbergen zeldzame fauna en flora, die zich er in alle rust kunnen ontwikkelen. Het Agentschap voor Natuur en Bos en het Ministerie voor Landsverdediging hebben afspraken gemaakt rond natuurgerichte maatregelen en het beheer van de terreinen
Dat gebeurde met financiële steun van de Europese overheid (LIFE) binnen het project Danah. De naam Danah is afgeleid van Defensie + Agentschap voor Natuur en Bos = NAtuurHerstel. Tussen 2003 en 2010 werd hierdoor een belangrijke uitbreiding van de heidehabitats in het Groot Schietveld gerealiseerd.
Milieuvereniging GroenRand heeft de indruk dat Danah wat aan het verwateren is en denkt dat dit project ernstig geëvalueerd en eventueel bijgestuurd moet worden. De zwartgeblakerde nalatenschap van de brand in het Groot Schietveld is slechts het zichtbare deel van het drama. De schade in de bodem is weliswaar niet direct te zien, maar wel een cruciale factor bij het potentiële herstel. De mate waarin de bodem het te verduren heeft gehad, is wellicht de belangrijkste vraag. Want die bodem is immers de basis voor wat er kan groeien. Het bepalen van de impact van het vuur op de bodemchemie is dan ook een cruciale stap in het proces. Misschien valt de bodemschade mee? Branden op de Kalmthoutse Heide en het Landschap De Liereman toonden aan dat de impact van branden op de natuur herstelbaar is, mits de nodige navolging. Eens de schade geweten dan moet er zo snel als mogelijk de eerste herstelmaatregelen voorbereid worden.

GroenRand stipt het belang van schapenbegrazing aan.3jpg

GroenRand tevreden: er wordt gestart met schapenbegrazing

De eerste grassprieten priemen reeds uit de grond. Voor je het weet is alles weer aan het vergrassen of het groeit dicht met de opslag van ongewenste begroeiing, waardoor o.a. de heide überhaupt geen kans krijgt zich te ontwikkelen. Grassen als het pijpenstrootje, die uiterst brandbaar zijn, profiteren als eerste na zo’n brand om sneller op te rukken. Het Groot Schietveld heeft een hogere graad van vergrassing dan de Kalmthoutse Heide, wellicht omdat hier minder intensief ingezet wordt op begrazing en kleinschalig plaggen. Als het Schietveld beter beheer had gekend, zou mogelijk de recente brand minder groot en hevig zijn geweest. Daarom gaf GroenRand de suggestie om snel te starten met schapenbegrazing. Want je moet de ongewenste pioniers, zoals het pijpenstrootje voorblijven. Kleinschalig verwijderen van de vegetatie en een deel van de bovenste humuslaag kan tevens helpen. Plaggen in sommige delen remt de ontwikkeling van grassen extra fors af.

GroenRand stipt het belang van schapenbegrazing aan.2jpg

Verbinden via schapenbegrazing

Verbinden van deze gebieden biedt zowel voor de kudde als voor de vegetatie, namelijk het verspreiden van zaden en plantensoorten, voordelen. Jaren geleden had onze maatschappij nog maar zelden van de termen ‘begrazing door schapen’ of ‘landschapsbeheer’ gehoord. Intussen worden de begrippen langzaam maar zeker ingeburgerd. Schaapskuddes dragen bij aan de ecologische structuur van het landschap, zoals ze dat eeuwenlang in de Voorkempen hebben gedaan. Voor het natuurbeheer heeft een schaapherder ook ecologische kennis nodig. Zo kan hij bijdragen aan het vergroten van de biodiversiteit. Een schaapherder is dus boer en natuurbeheerder ineen. GroenRand heeft steeds gezegd dat één groot begrazingsproject zeer grote voordelen kan opleveren.

Uitwisseling van genetisch materiaal

Als met een kudde schapen tussen uiteenliggende terreinen wordt rondgetrokken, dragen de schapen bij aan de verspreiding van zaden en aan de uitwisseling van plantaardig genetisch materiaal. Schapen dragen bij aan de verspreiding van plantensoorten en insecten door transport van zaden via hun wol, de hoeven en de mest. Kleine terreinen zijn onderhevig aan plantaardige inteelt en drift. Bekend is dat een rondtrekkende kudde door de verspreiding van zaden dit probleem kan ondervangen. Zaden kunnen in de vacht maandenlang kiemkrachtig blijven. In de vacht, de uitwerpselen en tussen de hoeven worden bovendien ook eitjes, insecten, slakken en spinnen vervoerd. Op die manier zijn ze als het ware een locomotief voor het verspreiden van biodiversiteit. Een herder kan zo met zijn kudde versnipperde natuurgebieden met elkaar verbinden.

GroenRand stipt het belang van schapenbegrazing aan

Bestrijden exoten

Daarnaast zorgen schapen voor een halfopen landschap. Zonder schapen (of andere vormen van beheer van grasland) zouden veel natuurgebieden veranderen in bossen. Dit halfopen landschap biedt plaats aan de nodige verschillende planten- en dierensoorten. Verder kunnen de schapen ook ingezet worden ter bestrijding van invasieve exoten (zoals bijv. de Japanse Duizendknoop, Amerikaanse vogelkers,..) die de inheemse vegetatie heel snel kunnen verdringen. Door de schapen gericht te laten grazen op de juiste momenten kan dit probleem ingeperkt worden en wordt een verdere uitbreiding voorkomen.

Foto’s: GroenRand

DW

Facebook55
Facebook
Twitter
Visit Us